Kasteel Beverweerd.

 

Beverweerdseweg te Werkhoven. Is van oorsprong  van het type woontoren (13e eeuw) maar door diverseX uitbreidingen is het nu van het type coulissen kasteel. Oudste vermelding 1e helft 13e eeuw. In de 2e helft van de 13e eeuw wordt melding gemaakt van Zweder van Zuylen, ook wel Zweder van Beverweerd. Zweder van Zuylen sneuvelde in 1304 in de strijd tegen de Vlamingen bij Zierikzee. Door vererving via de geslachten Van Vianen, Van Beuchout en De Lannoy, kwam Beverweerd in 1536 als ridderhofstad erkendX kasteel aan Anna van Buren, de 1e vrouw van prins Willem van Oranje (Willem de zwijger). Tegen het einde van de 18e eeuw kwam Beverweerd door een huwelijk toe aan Evert Frederik baron van Heeckeren van Enghuizen in diens familie. In 1835 gaf H.J.C.E baron van Heeckeren van Enghuizen opdracht tot een ingrijpende verbouwing van Beverweerd, die vele jaren zou duren. De beide torens werden op gelijke hoogte gebracht. De gracht aan de voorkant werd gedempt, de voorburcht en de kapel werden gesloopt. Ook werden de kruiskozijnen vervangen door grote ramen met roede verdeling. De ramen op de bovenste verdieping van de torens kregen Neogotische bogen. Langs de hele dakrand werd een gekanteelde borstwering aangebracht. Aan de zuidelijke gevel werd tussen de twee torens een balkon gemaakt met een balustrade van gietijzer. Beverweerd werd in zijn geheel gepleisterd in vakverdeling. Rond 1934 werd deze pleisterlaag verwijderd. In 1906 huwde Marquérite Christine barones van Heeckeren van Enghuizen met Adolph Zeyger graaf van Rechteren Limpurg waardoor Beverweerd overging naar dit geslacht. Hun dochter Lutgaris verkocht Beverweerd in 1958 inclusief met het 6 hectare grote parkx aan de Stichting van Quakerscholen. De omliggende boerderijen bleven haar eigendom. In de jaren 1958-1959 vond er een grote verbouwing plaats om Beverweerd gereed te maken als opleidings- instituut. In 2006 kocht de Stichting Instandhouding Landgoed en Kasteel Beverweerd, Beverweerd. In 2007 werd gestart met de restauratie van de buitengevel die tot eind 2009 duurde. De buitengevel werd opnieuw gepleisterd en van een vakverdeling voorzien. Op de noordoost gevel zijn een aantal blindnissen niet gepleisterd, dit om te laten zien hoe de gevel er van oorsprong uit heeft gezien. Ook de zuidoost gevel is tussen de torens niet gepleisterd, zo laat de entree tussen de torens met zijn trappen een stukje oude gevel zien.

Bezichtiging van het park is vrij toegankelijk. Het kasteel is niet toegankelijk.

 

Bron:    D. Kransberg – Kastelen van Nederland.

              F.W. van Gulick – Nederlandse kastelen en landhuizen.

              Mebest vakblad voor de bouw 73e jaargang nr. 1 2010